Uit een heel breed en divers aanbod, selecteerden wij een aantal activiteiten waarvan we vermoeden dat ook jij die wel eens interessant zou kunnen vinden. Klik en lees.



FONDATION LOUIS VUITTON

Zondag 28 april – vertrek: 08u. aan parking van De Meibloem, Kasteelstraat 157, 8700 Tielt – terug: rond 22.30u.
UPDATE: Vertrekuur is vervroegd naar 07u.

PROGRAMMA
Voormiddag: bezoek aan de ‘Fondation Louis Vuitton’
Namiddag: vrij bezoek aan lopende exposities in Parijs. Op de bus ontvang je een uitgebreide brochure met een overzicht van alle tentoonstellingen, aangeduid op een bijgevoegd stadsplan.

KOSTPRIJS
40 EUR – inbegrepen in prijs: busrit heen en terug
toegangsticket Fondation Louis Vuitton (inclusief alle lopende exposities)

INSCHRIJVEN EN BETALING
Reserveren via www.academietielt.be/evenementen.
Voorrang voor studenten academie en hun partner tot maandag 22 april 2019, nadien open voor deelnemers van buiten de academie
Inschrijving is geldig vanaf ontvangst betaling van 40 EUR op rekeningnummer BE62 3770 9214 2761 van Jonas Callens met mededeling ‘Parijs’ + namen van de ingeschreven.

EXPO – “La Collection Courtauld. Le parti de l’impressionnisme” met werk van onder meer Modigliani, Cézanne, Degas, Gauguin, Seurat, Turner, Manet, Matisse, Monet, Picasso, Bonnard, Renoir, Rodin, Toulouse-Lautrec en Van Gogh.
EXPO – “La Collection de la Fondation. Le parti de la Peinture” met werk van Mark Bradford, Daniel Buren, Bernard Friesland, Wade Guyton, Raymond Hains, Nick Mauss, François Morellet, Albert Oehlen, Jesús Rafael Soto, Pierre Soulages, Niele Toroni, Christopher Wool, Bas Jan Ader, Robert Breer, Joseph Kosuth, Joan Mitchell, Carl Andre, Ettore Spalletti, Katz, Gerhard Richter, Ellsworth Kelly, Dan Flavin, en Yayoi Kusama.

ARCHITECTUUR – het museum, een ontwerp van architect Frank Gehry, is op zich al een bezoek waard.


De Fondation Louis Vuitton of de Fondation d’entreprise Louis Vuitton is een privémuseum in Parijs dat de kunstverzameling van Bernard Arnault bevat. Het museum werd in oktober 2014 geopend.
Het gebouw is gelegen in het Bois de Boulogne, net buiten het Parijse 16e arrondissement en is een ontwerp van architect Frank Gehry, die daarbij werd geïnspireerd door het glazen Grand Palais. Het gebouw, waarvan de bouw € 100 miljoen kostte, is opgebouwd uit twaalf op zeilen lijkende elementen. Het geheel heeft wat weg van een met bolle zeilen varend schip.

De beeldende-kunstverzameling omvat voor het merendeel werken uit de twintigste eeuw van de onderneming LVMH en Bernard Arnault zelf. Daarbij onder meer werken van Jean-Michel Basquiat, Gilbert & George en Jeff Koons. De stichting gaf opdracht aan Ellsworth Kelly, Olafur Eliasson, Janet Cardiff, George Bures Miller, Sarah Morris, Taryn Simon, Cerith Wyn Evans en Adrián Villar Rojas om speciaal voor deze plek installaties te ontwerpen.

Alleen maar hoogtepunten op expo bij Fondation Louis Vuitton (bron: De Tijd)

De Britse textielmagnaat Samuel Courtauld verzamelde in de jaren 20 een ongelooflijke collectie impressionistische kunst. Een selectie daarvan is te zien in Fondation Louis Vuitton in Parijs. De topwerken worden aangevuld met hedendaagse kunst van de Fondation.

Soms moet je even slikken op een tentoonstelling. Je hebt nog maar pas de ogen uitgekeken op het weemoedige ‘Un bar aux Folies-Bergère’ van Édouard Manet of twee meter verder hangt het volgende meesterwerk: Georges Seurats ‘Jeune femme se poudrant’. Of als je naar de andere kant kijkt ‘Après le bain, femme se séchant’ van Edgar Degas.

Stuk voor stuk iconische schilderijen uit het impressionisme. Je kent ze van boeken en posters, maar nu zijn ze allemaal – 110 werken waarvan 60 schilderijen – in het echt te bewonderen in de Fondation Louis Vuitton. Zoveel impressionistische schoonheid zie je zelden samen op een tentoonstelling. Ach, nog wat namedropping: Gauguin, Van Gogh, Modigliani, Turner.

Paul Cezanne
Een van de vijf versies van ‘Les joueurs de cartes’ van Paul Cézanne hangt er ook. Nog een exemplaar, uit de collectie van de Griekse reder Georges Embiricos, werd in 2011 verkocht voor zo’n 200 miljoen dollar aan een Arabische verzamelaar. Toen was dat een wereldrecord. Om maar even de waarde van de expo in Parijs te schetsen.

Hoe knap al die meesterwerken ook zijn, je mond valt pas echt open als je op een reuzengrote zwart-witfoto een aantal van die werken aan de muren ziet hangen in de woonkamer van de Britse verzamelaar en textielondernemer Samuel Courtauld. Lucky bastard, denk je spontaan. Maar misschien heeft hij dat geluk ook wel afgedwongen.

Courtauld (1876 – 1947) was een telg van het gelijknamige geslacht dat in het Verenigd Koninkrijk in de 19de en 20ste eeuw een imperium van textielbedrijven uitbouwde. Hij werd in 1908 CEO van alle fabrieken van de onderneming. Zijn liefde voor de kunst ontstond in 1917 toen hij de Tate Gallery in Londen bezocht.

Verliefd
Vijf jaar later werd hij na een tentoonstelling in de Burlington Fine Arts Club in Londen verliefd op Franse kunst en begon hij te verzamelen. Zoals het een goede topindustrieel betaamt, liet Courtauld zich bij zijn aankopen begeleiden door topgaleristen en kunstspecialisten. Finaal hakte hij zelf de knoop door, na overleg met zijn vrouw Elizabeth. In amper zes jaar, tussen 1923 en 1929, vervolledigde hij zijn verzameling.

In 1931 bracht hij zijn collectie onder in het Courtauld Institute om haar toegankelijk te maken. Courtauld was een bijzonder sociaal bevlogen man. Je zou hem bijna een socialist kunnen noemen. Hij pleitte in 1942 in een artikel in de krant Sunday Pictorial voor de nationalisering van sommige industriële sectoren, strengere regels voor de banken, werknemersparticipatie in het bedrijfsmanagement en een beperking van de beursspeculatie.

De oprichting van het Courtauld Institute paste daarin. Het is uitgegroeid tot een van de belangrijke instituten voor kunstonderzoek in het Verenigd Koninkrijk.

Exploratie
De Fondation Louis Vuitton vult de impressionistische tentoonstelling aan met moderne werken uit de eigen collectie. De schilderkunst staat daarin centraal en dient als impressionistisch bindmiddel. De Amerikaanse kunstenares Joan Mitchell is de missing link tussen verleden en heden. Ze werkte in de jaren 50 in Parijs en verhuisde daarna naar Vétheuil waar Claude Monet ook lang woonde. Haar schilderijen zijn kleurenexplosies van vage figuratieve natuurelementen. De link met het impressionisme is snel gelegd.

Bij de meeste andere kunstenaars is die band niet meteen picturaal. Het gaat meer om het idee van de exploratie van nieuwe aspecten in de schilderkunst. Uiteindelijk deden de impressionisten dat ook. Een goed voorbeeld daarvan is Christopher Wool. Hij schildert abstract in zwart-wit-grijs en maakt daarna prints van zijn schilderijen.

‘Ik werd gaandeweg meer geïnteresseerd in hoe iets te schilderen dan in het onderwerp zelf’, zei hij daarover. Dat geldt voor veel artiesten als je door de expo loopt. Dat maakt de hele tentoonstelling dubbel interessant. Bij de impressionisten domineert de schoonheid omdat we zo vertrouwd zijn met hun beeldtaal. De latere kunstenaars dwingen je na te denken over de betekenis van hun werk.